Aan: Pieter Verhoeff
Van: Theo van Gogh
Cc: Frans Afman
Amsterdam, 21 Oktober 2001
Goede Pieter,
Wat een genoegen om je weer 'ns te mogen schrijven, juist ook na onze laatste
ontmoeting te Utrecht, toen mijn stukje over waarom jouw "Nynke" de
lucht in is gestoken en Maas' "Down" niet, geen genade vond bij de
weekdieren die de redactie van de Festival-Dagkrant vormen. 't Stemt in jouw
geval altijd dankbaar om de aangesprokene te zien schuimbekken en ik heb -
zoals 't hoort U edele uitvoerig en correct geciteerd over mijn
persoontje toen ik mijn lezers van de website verslag deed van jouw
gekwetstheid. Waar ik vooral aardigheid in had was de uitdrukking op je gezicht
toen je vertelde dat de Redactie eigener beweging 'deze troep' niet had willen
afdrukken.
Mij staat ook nog bij dat je me 'De Potloodventer van de Nederlandse Cinema'
noemde, inderdaad een schoolvoorbeeld van esprit zoals alleen de grootsten
onder ons zich kunnen veroorloven. Waarover ik je nu schrijf betreft een
kwestie van delicate aard; hopelijk kan je mijn vraag beantwoorden. De vraag
luidt: waarom heb jij als vice-voorzitter van het Festivalbestuur alom lopen
muiten over de toespraak die Frans Afman, voorzitter, afstak bij de
opening?
Afman hield een voortreffelijke speech waarin 'ie terecht constateerde dat onze
vrijheid van expressie op het spel staat nu de geitenneukers namens Allah het
vrije Westen aanvallen. Hij constateerde bovendien dat alweer het Amerikaanse
volk de kastanjes uit het vuur moet halen, en dat mede voor de wereld van jouw
en mijn kinderen.
Van verschillende journalisten hoorde ik dat juist Pieter Verhoeff achter de
rug van Afman getracht heeft diens bewogenheid belachelijk te maken. Van Afman
vernam ik dat je hem aanvankelijk feliciteerde met zijn verdediging van ons
democratische ideeëngoed.
Ben je gewoon een hypocriet stuk vreten en een draaikont of heb je je bedacht
en bent tot andere inzichten gekomen?
Het recht op domheid mag niemand ontzegd worden, dus ik hoop 't laatste.
Dat Dana Linssen en nog wat grote denkers van het journaille Afman zijn
hartenkreet kwalijk namen, zegt een hoop over hoe zulke onnozelaars tegenover
deze boze droom staan; met de rug naar het geweer toe, trappelend om
neergeschoten te worden. Maar waarom steunde jij Afman niet?
Ik heb wel 'ns gehoord dat een vice-voorzitter zijn kritiek op de voorzitter
bij voorkeur binnenskamers uit. En ik vraag me af waar die afkeer van Afman
vandaan komt. Heeft de Voorzitter jou iets gedaan?
Te vrezen valt dat jij met rattige precisie hebt aangevoeld vanuit welke hoek
de wind zou gaan waaien en daarom op vleugels van verbeelding je zoals altijd
elastische opvatting aanpaste. Maar als je Afman werkelijk zo belachelijk vindt
om wat 'ie gezegd heeft, waarom ben jij dan nog lid van het bestuur?
Anders dan met de dappere kleuters van de Dagkrant die graag van Pieter
Verhoeff vernemen wat wel of niet afgedrukt mag worden, komt op website
"De Gezonde Roker" wekelijks de hele Gogh aan bod. Dit tot heil en
zegen van zevenduizend lezers die blijkens de reacties tamelijk moesten lachen
om mijn beschrijving van jouw film. 't Is een beetje dom om mijn stukjes te
willen censureren, maar ik geef je graag nog een kans. Zou je willen reageren
op de hierboven gestelde vragen?
Uiteraard komt jouw antwoord ongecensureerd op de site.
Vol verwachting klopt mijn hart: dag!
Als altijd, je
Theo van Gogh |