![]() | ||||
Broekenboertje | ||||
Bijgaand gelieve U aan te treffen een site over "De Pijnbank", een film die 10 september de bioscoop ingaat. Of "De Pijnbank" Uw vijftien piek waard is, is niet aan mij. Toch vul ik dit stukje met m'n eigen film, hopelijk niet te hemelhoog juichend. De vraag is; waarom toch al die moeite gedaan om wéér een low-budget film voor de poorten van de Onverschilligheid weg te sleuren. Ik weet 't niet. Ambitie, geldingsdrang, maar natuurlijk ook de wetenschap hoe leuk filmerij kan zijn als opnamen goed marcheren. Filmen is een verslavende bezigheid. Ik ken niemand die het geheim van een goed scenario kent; in dat geval zouden er aanzienlijk meer hit's en meesterwerken worden gescoord. Je zegt "Ja!" tegen een scenario op grond van één beeld, één scène, één zin. Die zin luidt in dit geval "Martelen voor geld", of ook wel "Charity Torture". Ik zag zwetende mannen die elkaar de strot afbijten in een warme kamer. Meer heb je niet altijd nodig. Een film lukt 't beste wanneer de regisseur ervan slaagt om z'n eigen vignet als een onzichtbaar merkteken in de beelden te branden. Lukt dan, dan hebben we met een bijzonder geval van doen. 't Mooist wordt een film wanneer hoofdrolspeler en regisseur als karakter samenvallen. Ik bedoel dus dat je je Fellini niet kunt voorstellen zonder Marcello Mastroiani, Antonioni niet zonder Monika Vitti, Roman Polanski niet zonder Jack Nicholson of Catharine Deneuve. Gene Hackman is misschien wel de beste acteur aller tijden, maar heeft vooral een carriëre afgelegd van gemiste kansen, afgewezen glansrollen en niet herkende meesterwerken. Omdat het lot wel wreed is, maar daarom nog niet onverschillig heeft Hackman twee keer een regisseur gevonden die wèl zijn hart kon uitzuigen. Dat leverde prompt twee meesterwerken op: "The French Connection" en "The Conversation". Robert Duval vond zijn God voor twintig minuten, in de beroemde scène uit "Apocalypse Now", waarin 'ie een Vietnamees dorp met napalm besproeid om één van z'n manschappen - een getalenteerd surfer - op de plank over de golven te laten gaan. "I love the smell of napalm in the morning; victory." Op Nederlandse schaal zou ik geen verbintenis weten die zo aangrijpend werkte. Maar natuurlijk heb je lievelings-acteurs. Thom Hoffmann in de tijd dat 'ie nog niet deftig was, liep niet over van intellect, maar wel van ambitie en kon daarom een mooie psychopaat neerzetten in mijn debuut "Luger". Cas Enklaar was de dorstige gier die ik zocht voor "Een Dagje Naar het Strand." Paul de Leeuw is in "De Pijnbank" de wufte broekenboer die zich ontpopt tot slang. Terugkijkend kan ik alleen maar denken: "Goed dat ik zo eigenwijs was om wèl in zijn charisma te geloven." Ik kan de bezwaren vooraf tegen zijn aanwezigheid voor de camera in twee woorden samenvatten:"Tè bekend." En, doorredenerend; 'Je blijft altijd Paul de Leeuw zien', 'Hij kan 't niet aan' etc., etc. Ik mag de Voorzienigheid danken dat ik beter wist. De Leeuw is in "De Pijnbank" een griezel zoals ik ze graag zie; burgerlijk, tikkeltje vals en ogenschijnlijk rustig, terwijl daaronder een vulkaan van wrok ligt te dutten. Eén lont, één aanleiding en..."De Pijnbank" is een curieuze film geworden. ![]() | ||||
| Inhoud | Recreatie | U Schreef| Archief | Service | Slijmen
of Schelden? Schrijf Terug! | |||