Het Parooltje

In Het Parool van 14 Augustus schrijft Jos van den Burg, filmrecensent, op verzoek van de firma Pathé een kort vraaggesprek met Lauge Nielsen, opperhoofd van de bioscoopketen. Je vraagt je wel eens af hoeveel Van den Burg krijgt om zo nederig de boven-hem-gestelden ter wille te zijn. Ik herinner me dat toen ik nog voor zijn sufferdje schreef de toenmalige Parool-hoofdredacteur Sytze Van der Zee met het rode potlood klaar stond om in mijn stukje te strepen als het de distributiemaffia van Bruinstroop en Max van Praag niet welgevallig was wat ik schreef; die heren betaalden nu eenmaal het grootste deel van de filmladder.
Vooral met Max van Praag heb ik altijd medelijden gehad en ik herinner me de dagen dat ik in De Krant op Zondag beschreef hoe ik Mevrouw van Praag - een plastic geval uit Amerika, jaren te jong voor Max die 't toen al niet allemaal meer kon bijbenen en die tegenwoordig zijn vrienden waarschuwt een te jongevrouw te huwen, ontmoette in de bar van Américain, 'alwaar Mevrouw haar kunstgebit uitdoet en voor een Donut met je meegaat naar boven teneinde de Nederlands-Amerikaanse vriendschap te bevorderen' - op de troon zette, tot razernij van haar echtgenoot, een echte man die overal vertelde dat ik nooit meer een film in de bioscoop zou krijgen.
Toen was ik al weggestuurd bij Het Parool omdat Bruinstroop en Van Praag hadden besloten tot een advertentieboycot die de krant te veel geld kostte. Ik herinner me nog hoe opgelucht iedereen was dat ik niet meer mocht schrijven, vooral ter redactie van Het Parool. Het meest opgelucht was Mark Moorman, filmrecensent, later mislukt Chef Kunst, mislukt vader en schrijver van de saaiste beschouwingen die Het Parool ooit heeft afgedrukt. Mark Moorman is een bijzonder fatsoenlijk iemand.
Jos van den Burg is een lieve hippie met een dwalend oog dat de diepste verbanden ziet in Cinema en die op verzoek van Moorman vooral slecht over mijn films schrijft als Theodor Holman het scenario heeft bedacht. Moorman is de chef die tegenwoordig Holman belt als zijn dagelijkse stukje 'minder onfatsoenlijk' moet worden, dat wil zeggen, minder politiek-incorrect, vrouw-vriendelijker en in het algemeen, minder Holmans moet zijn. Holman wordt daar narrig van. Kortom, de sfeer zit er goed in tussen de heren.
Dat Het Parool zijn oren laat hangen naar adverteerders als er zoiets als 'een kwestie' is, mij zul je niet horen, maar raar is 't wel dat een zichzelf respecterende krant geen weerwoord vraagt als de monopolist Pathé een kleine film als Cool boycot, die wèl commercieel en artistiek interessant genoeg is om te worden uitgenodigd op het festival van Toronto.
Van den Burg laat Nielsen onweersproken zeggen dat de ware reden voor de weigering om Cool zelfs maar een week te draaien, ligt aan het gebrek aan commercialiteit. Op last van de firma A-film, die de film distribueert, had ik gemeld dat ze mijn geval bij Pathé volkomen kut vonden - wat hun goed recht is - en dat 'wij liever niet de mensen binnen hebben die je ziet op het doek'. En ik citeerde verder: "Wij hebben geen enkele maatschappelijke functie, wij zijn hier om winst te maken." Inderdaad; wat zal een Franse firma zich gelegen laten liggen aan een kleine film uit Nederland, waar het een monopolie heeft in de grote steden. De winst is voor Parijs.
Ik schreef nog dat Pathé een deal heeft met het Rotterdamse gemeentebestuur dat er geen concurrerende bioscoopketen binnen de gemeentegrenzen wordt toegelaten.
Hier waren mijn bronnen San Fu Malta en Emile Fallaux. En vroeg me af waarom Madame Jeanette, een Surinaamse comedie niet in Pathé Arena draait? Een medewerkster van A-film vertelde me dat de leiding van Pathé een Antilliaan had meegenomen om die film op z'n commerciële waarde te beoordelen. In het Ketelhuis was de film weken uitverkocht.
Nu ja, waar 't over gaat, is dat Pathé in de grote steden het monopolie heeft op de grote zalen, zodat een geboycotte film als Cool geen schijn van kans maakt om in de Randstad het publiek te bereiken waarvoor de film bedoeld is. Als je de floppende shit uit Amerika ziet die door Pathé soms wel voor lege zalen gedraaid wordt, werpt dat interessante vragen op. De Amerikanen zijn machtig en kunnen eisen dat ook hun trash gedraaid wordt; dat geldt natuurlijk niet voor mij, ik dien mij met de pet in de hand bij de achteringang te vervoegen en te buigen als mij ten onrechte in de schoenen wordt geschoven dat ik een mislukte film zou hebben gemaakt. Normaal gesproken haal ik daarover mijn schouders op, maar in dit geval zie ik duizenden kaartjeskopers de gang naar mijn film niet maken.
Persoonlijk vind ik dat jammer.
Ik citeer nu Van den Burg, die niets van dit al voorlegde aan de gewichtige meneer van Pathé: "De ware reden voor de beschuldiging is volgens Nielsen dat Van Gogh publiciteit wilde voor zijn film:"Dat is hem goed gelukt, maar helaas voor hem wordt zijn film er niet beter van."
Zou meneer Nielsen Cool gezien hebben?
En zou wat goed genoeg is voor het Filmfestival bij the Sea (openingsavond) en voor Toronto, niet goed genoeg zijn voor Amsterdam? Of zou er een oude rekening worden vereffend? De lezer van Het Parool heeft dit allemaal niet onder ogen mogen krijgen. Ik hoop dat Pathé Jos Van den Burg een centje extra op zijn schamele Parool-honorarium heeft gegeven. Het is fijn dat er nog integere
recensenten zijn, niet te koop en altijd in de weer om ons indringend te informeren. Slechte recensies zijn vaak een aanbeveling, maar een film die niet gezien kan worden, dat is jammer. Had ik maar niet zo stom moeten zijn om Marokkaanse Nederlanders te laten meespelen.

Theo van Gogh

Slijmen of Schelden ?
Inhoud | D.C.Lama | U Schreef| Archief | Service