Aan: Toine Berber, directeur van het Nederlandse Fonds voor de Film.
Van: Theo van Gogh.
Cc: Rick van der Ploeg, Felix Rottenberg, Jeltje van Nieuwenhoven, Emile
Fallaux, Antoinette Polak-Schoute, Xandra den Hamer, Frans Afman, website De
Gezonde Roker en vele Tweede Kamerfracties.
Amsterdam, 2 Januari 2001
Geachte Heer Berber,
En zo kon 't gebeuren dat een aangevraagde bijdrage voor de totstandkoming van
het door Gwen Eckhaus geschreven scenario "Home Is Where The Heart
Is" à fl 35.000,- geen genade kon vinden in de ogen van Uw
zogeheten 'deskundigen'. Anders dan het Binger-instituut, dat razend
enthousiast bleek over Mevrouw Eckhaus' inderdaad hartverscheurende vertelling,
achtte Uw Commissie haar pennenvrucht 'onwaarschijnlijk'.
Wie ben ik, die zelf de eerste vijfentwintig duizend gulden van het geval voor
zijn rekening nam, om met Uw Edelen van mening te verschillen?
Ik denk dan bijvoorbeeld aan de grote cineast Ben Verbong, als commissielid
medeverantwoordelijk voor de afwijzing. In de wondere wereld van de Heer
Verbong werden wij vergast op juweeltjes als "De Onfatsoenlijke
Vrouw", "De Flat" en natuurlijk "Het Meisje Met Het Rode
Haar", waarin Renée Soutendijk als Hannie Schaft zeker een half uur
al peddelend op een fiets door de polder voorwaartsgaat uit naam van de
Menselijkheid, vermoedelijk om de indruk te geven dat de sexuele rijping van
onze heldin zich onverbiddelijk in het zadel heeft afgespeeld van een geval op
houten banden.
De visie van een Groot Kunstenaar als Verbong noopt mij natuurlijk tot
eerbiedig stilzwijgen en 't is dan ook met zekere schroom dat ik hier en nu
beken de films van meneer in het verleden wel eens publicitair begeleid te
hebben, en in mijn overmoed niet altijd gunstig... Mijn vraag is nu: hoewel
meneer Verbong natuurlijk een geweldige Regisseur is, een filmbeest als 't ware
en een reus van geest, zal toch ook hem niets menselijks vreemd zijn?
Anders gezegd, mij bespringt de twijfel of meneer wel de aangewezene is om een
project van ondergetekende 'objectief' te beoordelen.
't Gekke is, mijn persoon'tje werd nu nooit eens gevraagd om zijn diepe
inzichten op subsidieverzoeken los te laten en het werk van, bijvoorbeeld, Ben
Verbong, onmogelijk te maken. Waarom is meneer Verbong geschikter om
filmprojecten te beoordelen dan Theo van Gogh? Hebt U daarover als Directeur
een oordeel?
Waarom valt de één wel in de pul en de ander niet?
Begrijp me goed, naar mijn opvatting is 't onzedelijk om als lid van een
Commissie anderen van de camera af te houden en dient een fatsoenlijk mens zich
ten principale van zulke Judaswerkzaamheden te onthouden. Maar daar gaat 't
hier niet over; waarom ben ik nooit gevraagd?
Uit Uw mond mocht ik vernemen dat commissielid Chris Brouwer zich tijdens de
behandeling van ons verzoek terugtrok. Dat is begrijpelijk voor wie zich
realiseert dat de Heer Brouwer ooit deel uitmaakte van het befaamde duo Glibber
& Gladder, 'voor al Uw zwarte geld', de nijvere producenten die alleen al
op de begroting van "Terug Naar Oegstgeest" (1987, regie; Theo van
Gogh) enige honderdduizenden achterover drukten. Ik heb, kun je zeggen, een
'voorgeschiedenis' met mijn favoriete tiller. Welke reden noemde Brouwer om
zich uit de vergadering terug te trekken?
En zou de Heer Brouwer als vaste producent van de Heer Verbong geen - hoe zeg
ik dat nu netjes - 'vooroverleg' hebben gepleegd? En wat doet een verduisteraar
van gemeenschapsgeld eigenlijk in Uw commissies?
Frans Afman heeft bij de lancering van de film "The Little Vampire"
ten overstaan van de toenmalige Minister van Economische Zaken en een groot
gehoor voorgerekend dat Brouwer van het beoogde budget van
éénenveertig miljoen gulden - opgehoest door de Nederlandse
belastingbetaler - veertig miljoen overmaakte naar zijn coproducent in
Duitsland en onder het kopje 'Bemiddeling' één miljoen in eigen
zak stak.
Ik heb wel eens gehoord dat de fiscale maatregelen bedoeld zijn om de
vaderlandse filmindustrie te stimuleren, niet om onze Oosterburen goedkoop
kapitaalinjecties te verschaffen. Afman, een ervaren Hollywood bankier nam tot
consternatie van de aanwezigen de uitdrukking 'creatieve boekhouding' in de
mond. ABN-AMRO besloot ter plekke zich uit filmfinanciering terug te trekken.
De Minister was not amused. Geen wonder dat de Heer Brouwer na afloop razend
was op Afman.
Was U bekend met deze pittoreske maar waar gebeurde anekdote?
En wat is Uw oordeel over Brouwers lange vingers?
Horen Uw Commissieleden niet van onbesproken gedrag te zijn?
Nu ja, 't is altijd een heel gedoe, dat gesubsidiëer. Ware 't niet te
wensen dat iedere schijn van vriendjespolitiek vermeden werd? In Denemarken
wordt een dictator voor twee jaar aangewezen, die zonder ruggespraak de
subsidies verdeelt en daarna weer verdwijnt. Mocht de Heer Brouwer onder zo'n
regeling onze dictator worden dan maakt Theo van Gogh dus twee jaar geen film
en ziet daarna wel weer. Is dat niet rechtvaardiger dan het gekuip van de
flapdrollen Chris dezer' wereld ongeremd en tot in lengte jaren los te laten op
burgers die zich wèl aan de Wet houden?
Dat ook het treurigste bezinksel uit de riolen recht van spreken heeft, moge
blijken uit de machtige positie die de Heer Brouwer thans in Uw Commissies
heeft opgebouwd. Ik misgun meneer zijn aanwezigheid niet, maar vraag me wel af
hoe één en ander in overeenstemming valt te brengen met
beginselen van fatsoenlijk bestuur.
En hoe zou de rechter denken over de aanwezigheid van fraudeurs bij
Uw-Boven-Ons-Gestelden? Zoals gezegd, 't betreft hier immers
gemeenschapsgeld.
Gaarne zou ik van U vernemen wat Uw overwegingen waren om Brouwer bij het Fonds
toe te laten. Thans heb ik een AROB-procedure tegen Uw Fonds in voorbereiding
om de rol van de Heer Brouwer gezien zijn verleden door de rechter te laten
toetsen. Maar 't kan natuurlijk dat Uw antwoord op mijn vragen tot verrassende,
nieuwe inzichten leidt. In dat geval zou ik van gerechtelijke procedures moeten
afzien.
Vol verwachting klopt mijn hart.
Met vriendelijke groet,
Theo van Gogh |