| |
|
1 december
2003
De Bijlmer Belt
Ben ik ook slecht? vraag ik. Volgens de maatstaven van de Ghanese
zwartekousenkerk ben ik de verdorvenheid zelve. "Not all white people are
bad. But you have to come to church." De herkerstening van de Amsterdamse
Bijlmer is bijna voltooid, dankzij de PvdA. Die vindt de scheiding van kerk en
staat achterhaald in een zwarte wijk. Praise the Lord!
"Is my daughter here?" Ze beent naar binnen en sommeert haar dochter
om mee te komen. We zijn pizzadeeg aan het kneden en zingen liedjes, drie
Ghanese meiden en ik. Ze komen uit de buurt en zitten bij elkaar op de
vmbo-school. Het meisje trekt gedwee haar jas aan. Ze is dertien. Ghanese
kinderen moeten hun ouders altijd gehoorzamen; pas achteraf kunnen ze klagen,
in de hoop dat de volwassenen dit ter harte nemen.
Maar waarom zo'n haast? vraag ik de moeder.
"She can't come here too often," zegt die (wel een Nederlands
paspoort, maar de taal spreken: ho maar).
Hoezo niet, het is hier reuze gezellig, poog ik de dochter nog even vast te
houden.
"I don't want her to be with white folks all the time. Is not good for
her."
Mijn kleur zal die kinderen worst zijn. Ze maken bij mij vaak hun huiswerk, ik
help ze. En nu willen de vriendinnen Italiaanse kookles.
"Is not good for her," herhaalt de vrouw.
Maar waarom dan toch?
"This country is Sodom and Gomorra!" roept ze met stemverheffing.
Waarom bent u dan hier? U laat hier uw kinderen opgroeien.
Ze geeft wijselijk geen antwoord. Vindt u mij slecht? vraag ik nogal
koketteerderig. Volgens de maatstaven van de Ghanese zwartekousenkerk ben ik de
verdorvenheid zelve, maar leg aan een hardcore allochtoon maar eens uit dat je
iets ironisch bedoelt.
"No, not all white people are bad."
Dat valt alweer mee. Ik vraag of zij vroeger nooit naar de buren ging. Anders
ik wel. Alle kinderen vinden dat leuk.
Ze gaat er niet op in. "You have to come to church."
Er zijn honderd Ghanese kerkgenootschappen in de Bijlmer. Voorheen huisden de
meeste in parkeergarages, maar die worden gesloopt op last van de PvdA. Ter
vervanging drukken de socialisten nu 'kerkverzamelgebouwen' van twaalf
verdiepingen door de deelraad. Wee de laatste bleke ongelovigen. Dat wordt de
hele week ernstige reli-overlast, want Ghanezen prediken en zingen zeer luid.
Halleluia, praise the Lord!
"She has to come with me," verduidelijkt de vrouw, "because they
go say I am a bad mother."
Wie zegt dat dan, dat u geen goede moeder bent? Wacht, ik zet een plaatje op
speciaal voor u.
Ik draai Sweet Mother van de Kameroenees-Nigeriaanse popster Prince Niko
Mbarga, in de jaren zeventig een wereldhit in heel Afrika en Latijns-Amerika
(Sweet modda, a no go forget yu, for di suffa wey' suffa fo mi. When a dey
cry, my modda go carry me. She go say my pikin, wetin yu dey cry yo yo. Stop
stop, stop stop mek yu no cry again oh, enzovoorts). 1)*
De meisjes beginnen spontaan te dansen en zingen flarden mee. Bij de vrouw kan
er geen lachje af. "You know my people," zegt ze, doelend op de
roddels in Ghanese kring.
Wat kan het je schelen, laat ze toch kletsen, zeg ik hartelijk.
"But they can put voodoo on me. You don't know?"
Daar begrijp ik helemaal niks van. U gaat drie keer in de week naar de
Resurrection Power Church & Living Bread Ministries. Je kunt daar ook
demonen laten uitdrijven. Dat moet toch afdoende helpen tegen de voodoo. Gaat u
zitten, trouwens, en wilt u ook een kopje thee?
De moeder blijft staan. Het meisje zwijgt en wacht geduldig in een hoekje. Ze
vertrekken, de andere meisjes gaan mee. Een kwartier later komen er twee terug
om de pizza af te maken.
De volgende dag zijn ze er weer. Met een brandende vraag. "Tante, gelooft
u in voodoo?"
Nou, zeg ik, in Afrika bestaat het wel hoor. Daar gelooft iedereen erin. Maar
hier in Nederland is een andere cultuur en dan werkt het niet volgens mij.
Ik weet nog dat de drie Ghanese vriendinnen op een mooie warme zomeravond bij
me kwamen met ernstige gezichten, alsof ze moed bij elkaar hadden geschraapt om
een belangrijke kwestie te bespreken. Het was een week eerder al begonnen met
verzoekjes of ze mochten internetten 'voor een werkstuk over biologie'. Ik
kreeg al zo'n vermoeden. En of ik boeken had met foto's over zwangerschap en
bevalling. Ik ben dus niet verbaasd als de assertiefste van de drie me op de
man af vraagt: "Tante, wilt u ons seksuele voorlichting geven? Onze
moeders zijn heel ouderwets, die willen niks vertellen."
Ik loods de dames naar het balcon voor een glas limonade en vraag wat ze willen
weten. Zo ontspint zich een goed gesprek van vrouwen onder elkaar, waarbij we
realistische geslachtsdelen tekenen, foto's van vrijende mensen bestuderen,
alle relevante aspecten behandelen en ook praten over hoe klaarkomen voelt en
hoe je dat bij jezelf kunt bewerkstelligen. Voor mij is het heel leerzaam omdat
de meisjes onthullen dat ze van hun moeder een handschoen moeten aantrekken als
ze zich 'van onderen' wassen. Want 'het is heel vies daar!'.
Ik vertel ze dat men in Nederlandse katholieke kring ook zo dacht vijftig jaar
geleden, maar dat alles nu gelukkig anders is. God houdt van je zoals je bent,
compleet met kutje, zeg ik in stijl. De herkerstening van de Bijlmer is in
volle gang. Leve de multikul.
Bernadette de Wit 1)*
Lieve moeder, ik zal je nooit vergeten om hoe je voor mij hebt geleden. Als ik
huil, gaat mijn moeder me dragen. Dan zegt ze, mijn kleintje, waarom huil je.
Stop stop, stop stop, laat je niet meer huilen.
Reageren?
Mail mij op bijlmerwit@planet.nl
|