| 23 maart 2004
De
allochtone snelweg
Plotseling duikt in kranten de snelweg op als beeld voor de multikul
samenleving. Zo vreemd is dat niet voor een land dat zowat totaal verslaafd is
aan de automobiel. Maar klopt het beeld wel?
U bent een spookrijder op de snelweg van de geschiedenis, schreef Ayaan Hirsi
Ali in haar open brief
aan de burgemeester van Amsterdam. Cohen vergeleek in zijn Cleveringalezing ten
onrechte de kritiek op de moslims van nu met de positie van de joden tijdens de
Duitse bezetting. Cohen negeert alle lichtsignalen en blijft in de verkeerde
richting rijden: hij subsidieert gescheiden zwemlessen voor islamitische
meisjes en geeft geld aan moskeebestuurders die achter zijn rug om
vrouwonderdrukkende, antidemocratische of antisemitische denkbeelden
prediken.
Het is een aardig beeld en het past ook goed bij de VVD'er, die een verstokte
automobilist is. Menig politicus of opiniemaker gebruikt de laatste tijd de
snelweg als beeld om de multikul samenleving te typeren. Integratie wordt
vergeleken met de kunst van het invoegen en ritsen.
Zeg nou zelf: het eerste dat zelfs de achterlijkste immigrant doet die zich
hier vestigt, is een rijbewijs halen en een blik aanschaffen. Dat deel van de
inburgering levert geen enkel probleem op
Maar de kunst van het ritsen en invoegen in het verdere maatschappelijke leven,
is plotseling weer te veel gevraagd. De immigrant houdt liever vast aan zijn
eigen etnisch-religieuze verkeersregels en chauffeert dwars tegen de
Nederlandse cultuur in. Pas onder dwang, met overheidssubsidie en eindeloze
begeleiding, gaat de nieuwkomer naar de inburgeringsklas, waar hij of zij
meestal niet verder komt dan een bedroevend laag niveau. Alsof je niet kunt
inparkeren en dus maar dubbel gaat staan in een winkelstraat.
De politiek en de publieke elite in Nederland hebben die discrepantie zelf
laten ontstaan, door immigranten veertig jaar lang als zielige kasplantjes te
behandelen.
In Trouw van vorige week stond een leerzaam overzicht van hoe het
Europese vasteland en de Angelsaksische landen de inburgering aanpakken.
Grofweg zeggen de laatsten: zoek zelf maar uit hoe je leert rijden. Wij toetsen
alleen je verkeersvaardigheden (vakdiploma en taalkennis) bij binnenkomst.
Daarentegen vinden alle Europese landen (op Engeland na) dat zij de inburgering
moeten regelen vóór de immigranten. Vandaar die matige
staatscursussen en nu weer de moeizame discussies, in het Nederlandse kabinet,
over inburgering in het land van herkomst.
Stop toch met spookrijden en laat die mensen dat lekker zelf regelen! Ze zijn
hier vrijwillig naartoe gekomen; je moet ze vergelijken met Nederlandse
emigranten. Die burgeren ook op eigen kracht in, zonder hulp van hun nieuwe
overheid. En denk maar niet dat bijvoorbeeld Canada ook maar één
analfabete Nederlander zou toelaten. Zo iemand haalt niet genoeg
immigratiepunten en dan blijft de grens dicht.
Die snelwegmetafoor is misschien zo gek nog niet. We zouden de
verblijfsvergunning voor (huwelijks)immigranten en de dubbele nationaliteit
moeten bezien als het puntenrijbewijs. Niet gekwalificeerd voor de arbeidsmarkt
betekent niet toelaten. En ben je al binnen, dan het land uit als jij of je
kinderen eerwraak plegen, wapens dragen, draaideurcrimineel zijn of een leraar
neerschieten. Want wat is het verschil met rijden onder invloed?
Bernadette de Wit
Copyright Bernadette de Wit. Deze tekst wordt hier alleen voor
persoonlijk gebruik aangeboden. Overname op andere sites of hoe dan ook is
verboden, tenzij toestemming is verleend door de auteur.
|