Nu met Aanvulling en
Correctie
Aan NRC/Handelsblad
Faxnr: 010-4066967
Redactie Achterpagina
t.a.v. Arjen Ribbens
Amsterdam, 2 april 2002
Geachte heer Ribbens,
Dat uw kwaliteitskrant het met de waarheid niet zo nauw neemt wist ik al. Maar
dat u in de krant van gisteren onder mijn naam een inferieure column heeft
afgedrukt die geheel en al was gefaked, dat had ik toch niet voor mogelijk
gehouden. Uit ons telefoongesprek van hedenmorgen begrijp ik dat u ook niet van
plan bent uw lezers van dit bedrog op de hoogte te stellen. U gaat er volgens
eigen zeggen van uit dat zij vanzelf wel begrijpen dat het hier een 1
april-grap betreft. Nou, laat ik u dan uit de droom helpen: zelfs Theo van
Gogh, toch bepaald niet de goedgelovigste, bleek aangenaam getroffen dat de NRC
mij aan het woord had gelaten. Hij sprak zelfs van een "triomf voor de
vrijheid van meningsuiting".
Moet u horen. Jarenlang heb ik mij van de NRC-fans in Amsterdam denigrerende
opmerkingen moeten laten welgevallen over het feit dat ik voor een pulpkrant
schreef. Nodeloos te zeggen dat zij nooit een letter van mij hebben gelezen,
want zij willen niet dood gevonden worden met het AD. En nu krijgen diezelfde
mensen, dankzij uw 1 april-grap, de indruk dat DIT het niveau is van mijn
proza. En dan nog iets: tien jaar schrijf ik nu al columns, maar nog nooit is
het voorgekomen dat de radio daar bij het krantenoverzicht aandacht aan
besteedde. Tot vandaag.
Nóemen ze me eindelijk een keer, betreft het een snertstukje dat onder
valse vlag door een ander in elkaar is geflanst! Als u mijn mening over de
oorlog in uw kwaliteitskrant publiceert, mag het dan alsjeblieft ook MIJN
mening zijn, en niet die van een van uw eigen stuntelaars?
Ik heb u telefonisch voorgesteld om, bij wijze van genoegdoening, een echte
column van mijn hand over de oorlog op uw achterpagina te publiceren. Maar dat
heeft u geweigerd. Aangezien ik, zoals u misschien weet, na zestien jaar
dienstverband door het AD op straat ben gezet, beschik ik in
tegenstelling tot de andere vier door u "gepersifleerde" columnisten
niet meer over een podium om het door u moedwillig veroorzaakte
misverstand recht te zetten. Ik zal dus mijn toevlucht moeten nemen tot
gerechtelijke stappen.
Derhalve verzoek ik u met klem zo spoedig mogelijk een rectificatie te
plaatsen, en wel op de achterpagina. Ik geef u tot morgenochtend de tijd om op
mijn verzoek te reageren. Gebeurt dat niet, dan kunt u per omgaande een kort
geding tegemoet zien wegens misbruik van mijn personalia en ondermijning van
mijn goede naam als columnist.
Hoogachtend,
Pamela Hemelrijk
P.S. Nou ik erover nadenk: ik heb me nog veel te zwak uitgedrukt. Volgens mij
heeft u zich met dit geintje schuldig gemaakt aan valsheid in geschrifte!
Misschien maak ik er wel een strafklacht van in plaats van een kort geding, wat
dacht u daarvan? Bovendien heeft u mij arbeidsrechtelijk in een uitermate
penibel parket gebracht met uw uit de duim gezogen proza! Want de indruk wordt
gewekt dat ik op uw uitnodiging dat stukje heb geschreven, en mij daarbij heb
gepresenteerd als "AD-columniste". En dat terwijl mijn bazen mij,
hangende mijn schorsing, uitdrukkelijk hebben verboden mij nog voor
verslaggeefster van het AD uit te geven! Dadelijk concludeert de kantonrechter
nog dat ik mij inderdaad, zoals het AD claimt, een slecht werkneemster heb
getoond, en geeft hij het AD toestemming om mij zonder een cent
schadevergoeding de laan uit te trappen! U wordt hartelijk bedankt!
phemelrijk@dolfijn.nl
Kopie aan mr. Oscar Hammerstein
|
Rotterdam, 3 april 2003
Geachte mevrouw Hemelrijk,
Hartelijk dank voor uw twee faxen van 2 april. Ik begrijp dat u bij nader
inzien prijs stelt op een mededeling in NRC Handelsblad waaruit blijkt dat u
geen medewerking heeft verleend aan de 1 april-grap van de Achterpagina. Die
"rectificatie" zal vandaag verschijnen in de rubriek Correcties &
aanvullingen op de binnenland-pagina. Uw verzoek om zo'n mededeling op de
Achterpagina te plaatsen, kan ik niet honoreren. Alleen op last van de rechter
plaatst NRC Handelsblad rectificaties op een andere plek dan in de rubriek
Correcties & aanvullingen.
Met vriendelijke groet,
Arjen Ribbens Achterpagina
|